Dalarna Porfieren

Dalarnagesteenten. Algemeen.

De stollingsgesteenten van Dalarna zijn tussen de 1700 en 1600 miljoen jaren oud. De gesteenten hebben niet te lijden gehad van metamorfe verschijnselen. Gelaagdheid en gelijkgerichte mineralen, die veroorzaakt zijn door metamorfose, komen in de granieten en porfieren van Dalarna dan ook niet voor.
Opvallende stenen uit Dalarna zijn de ignimbrieten. Zij behoren tot de jongste gesteenten en liggen bovenop de andere gesteenten. 

 

  • a. Bredvadporfier

    • 1. Bredvadporfier. Heerenveen.
    • 2. Bredvadporfier. Werpeloh.
    • 3. Detail van foto 2.
    • 4. Bredvadporfier. Opende. Gr.
    • 5. Bredvadporfier. Opende. Gr.
    • 6. Detail van foto 5.
    • 7. Bredvadporfier. Buitenpost.
    • 8. Detail van foto 7.

    Bredvadporfier (1,7 miljard jaren) 

    Dit gesteente komt voor in een gebied ten noorden van de plaats Ålvdalen. Het strekt zich uit tot in de provincie Härjedalen. Bredvadporfier is een regelmatig voorkomende zwerfsteen, die vrij gemakkelijk is te herkennen. De kleur van de grondmassa is rood tot bruinrood. In deze grondmassa bevinden zich een matig aantal rode, onopvallende kaliveldspaten en een klein aantal wat grijsrode of grijsgroene, meest rechthoekige plagioklazen. Soms hebben de plagioklazen een zoom van rode kaliveldspaat. Op een verweringsvlak is de aanwezigheid van plagioklaas vaak te zien aan de hoekige putjes, die door verwering is ontstaan. Kwarts is niet aanwezig. Donkere mineralen zoals biotiet en hoornblende komen nauwelijks voor. Soms vinden we kleine aggregaatjes. Bredvadporfieren kunnen wat slierig zijn. Ze vormen dan de overgang naar Bredvad ignimbriet.
    De meeste zwerfstenen zijn klein. Volgens Smed (Steine aus dem Norden) is dit een gevolg van de vele breuken, die zich in de rotsen bevinden.

     

  • b. Bredvadporfier. Åsentype

    • 1. Bredvadporfier. Type Åsenporfier. Werpeloh.
    • 2. Bredvadporfier. Type Åsenporfier. Emmerschans.
    • 3. Detail van foto 2.
    • 4. Bredvadporfier. Type Åsenporfier. Damwoude.

    Åsenporfier(1,7 miljard jaren)

    Åsenporfier wordt vaak gezien als een subtype van Bredvadporfier. Het verschil met het hoofdtype is het percentageverschil van de lichtgekleurde plagioklazen. Dit is in het Åsentype groter dan 50% van het totale aantal eerstelingen.

  • c. Glöteporfier

    • 1. Glöteporfier. Herkomstgebied.
    • 2. Glöteporfier. Rots. Omg. Sveg.
    • 3. Detail van foto 2.
    • 4. Glöteporfier. Rots. Omg. Sveg.
    • 5. Detail van foto 4.
    • 6. Glöteporfier. Rots. Omg. Sveg.
    • 7. Detail van foto 6.
    • 8. Glöteporfier. Werpeloh.
    • 9. Detail van foto 8

    Glöteporfier. (1,65 miljard jaren)

    Glöteporfier wordt vaak beschouwd als een kwartsrijke variant van Bredvadporfier. Het rode tot bruinrode gesteente heeft een voor het oog dichte grondmassa. Onder een loep vertoont zich echter een iets korrelige grondmassa, die bestaat uit kwarts en veldspaat. In deze grondmassa liggen een aantal eerstelingen, die meestal wat lichter van kleur zijn dan de grondmassa. Soms zijn ze door het geringe kleurverschil wat moeilijk van deze grondmassa te onderscheiden. Verder zijn er een aantal kleine vierkante geelachtige plagioklaaskorrels. De verspreid door het gesteente liggende kwartskorrels zijn grijs van kleur. Donkere mineralen komen weinig voor.  

  • d. Grönklittporfiriet

    • 1. Grönklittporfiriet. Herkomstgebiied.
    • 2. Grönklittporfiriet. Jonkersvaart.
    • 3. Grönklittporfiriet. Vollenhove
    • 4. Grönklittporfiriet. Flyvesandet. Dk.
    • 5. Detail van foto 4.
    • 6. Grönklittporfiriet. Opende.
    • 7. Detail van foto 6.
    • 8. Grönklittporfiriet. Grijs. Nij Beets.

    Grönklittporfiriet. (1,7 miljard jaren)

    Grönklittporfiriet, ook bekend onder de naam Grönklittporfier is een veel voorkomende zwerfsteen, waarvan de verschillende typen over het algemeen goed herkenbaar zijn. Het gesteente is afkomstig van een 400 km2 groot massief uit de omgeving van Orsa.
    Grönklitporfiriet heeft een roodachtige tot grijsbruine grondmassa. In deze grondmassa bevinden zich een groot aantal, vaak rechthoekige, kleine plagioklaaseerstelingen. Ook onregelmatige vormen komen voor. De kleur van de plagioklazen is grijs, groengrijs, geelgroen en soms iets grijsrood. Meestal komt in een steen maar één kleur plagioklaas voor, maar ook twee kleuren zijn mogelijk.(Foto 6) Kaliveldspaat komt soms voor in kleine hoeveelheden.(Foto 7) Dit in tegenstelling tot de andere roodbruine Dalarnagesteenten, die wel veel kaliveldspaten bezitten.
    Verder vinden we in de grondmassa gewoonlijk een aantal kleine, donkere aggregaten, die vooral bestaan uit biotiet, hoornblende, donkergroene chloriet en lichtgroene epidoot. (Foto’s 3,8) Deze aggregaten komen in veel meer Dalarnagesteenten voor, maar in Grönklittporfirieten komen ze vaak opvallend veel. Breuken in het gesteente zijn nog al eens gevuld met epidoot. (Foto’s 3,4)
    Buiten de donkere aggregaten komen ook nog al eens donkere vlekjes voor van biotiet en hoornblende. (Foto 8)
    Er is een variëteit waar de grondmassa bestaat uit twee kleuren. (Rood, bruin) Stenen van dit type zijn vaak bontgekleurd, omdat ze bovendien veel groene epidoot en chloriet bevatten. Tussen deze epidoot en chlorietopeenhopingen (soms langgerekt) bevindt zich wat kwarts. (Foto’s 4,5) Kwarts komt in de andere typen niet voor. Ook zijn er typen waarin epidoot ontbreekt.
    Voorheen werd ook “Grijze Grönklittporfiriet” als een gidsgesteente beschouwd. (Foto 8). Tegenwoordig gebruikt men deze naam niet meer, maar wordt het type gewoon aangeduid als Grönklittporfiriet. Tussen de twee typen bestaan veel overgangen.
     

  • e. Gustavsporfier

    • 1. Gustavporfier. Herkomstgebied.
    • 2. Gustavsporfier. Rots. Omg. Gustavs.
    • 3. Detail van foto 2.
    • 4. Gustavsporfier. Rots. Omg. Gustavs.
    • 5. Detail van foto 4.
    • 6. Gustavsporfier. Rots. Omg. Gustavs.
    • 7. Gustavsporfier. Heerenveen.
    • 8. Detail van foto 7.
    • 9. Gustavsporfier. Nij Beets
    • 10. Detail van foto 9.

    Gustavsporfier. (1,7 miljard jaren)

    Gustavsporfier komt voor in verschillende gangen ten noordwesten van Säter, die ieder hun eigen kleur grondmassa hebben. De kleur der grondmassa kan bruin, roodachtig of groengrijs zijn. De voorbeelden die wij tonen, hebben een voor het oog dichte grondmassa. Onder een loep vertoont zich echter een mengsel van zeer fijne kwarts en veldspaat. Het gesteente bevat altijd een groot aantal rode eerstelingen van kaliveldspaat. Ook bevat elke variëteit veel vrij kleine lichtgrijze kwartskorrels. Soms liggen deze kwartsen wat in groepjes bijeen. (Foto 8) Er zijn geen eerstelingen van plagioklaas. Zwarte mineralen (hoornblende) zijn over het algemeen onopvallend.

  • f. Hedenporfier

    • 1. Hedenporfier. Emmerschans.
    • 2. Hedenporfier. Flyvesandet. Dk.
    • 3. Hedenporfier. Werpeloh.
    • 4. Hedenporfier. Trimunt.
    • 5. Detail van foto 4.

    Hedenporfier. (1,7 miljard jaren)

    Hedenporfier is afkomstig van enkele voorkomens aan de zuidwestelijke kant van het porfiermassief van Dalarna. Het gesteente heeft met name onder een loep een zeer fijnkorrelige fijn vergroeide grondmassa van kwarts en veldspaat. De kleur van de grondmassa ligt over het algemeen tussen roodbruin en donkerbruin. In deze grondmassa liggen een aantal verspreide eerstelingen van tot 1 cm grote roodachtige of wat gelige, vaak wat rechthoekige kaliveldspaten en wat kleinere witachtige plagioklazen. Volgens P. Smed (Steine aus dem Norden) hebben de kaliveldspaten vaak een inspringende hoek, waaraan men kan zien dat het tweelingveldspaten zijn. Kenmerkend voor het gesteente is het verschil in grootte tussen de veldspaten. Sommige zijn weinig groter dan 1 mm. De donkere aggregaten bestaan vooral uit biotiet. Soms komen enkele hoornblendenaalden voor. Kwartsen ontbreken.

     

  • g. Idrekwartsporfier

    • 1. Idrekwartsporfieren. Herkomstgebied.
    • 2. Idrekwartsporfier.Vaste rots. Omg. Idre.
    • 3. Detail van foto 2.
    • 4. Idrekwartsporfier. Rots. Omg. Idre.
    • 5. Detail van foto 4.
    • 6. Idrekwartsporfier. Rots. Omgeving Idre.
    • 7. Detail van foto 6.
    • 8. Idrekwartsporfier. Rots. Omgeving Idre.
    • 9. Detail van foto 8.
    • 10. Idrekwartsporfier. Rots. Drevdagensvägen.
    • 11. Detail van foto 10..
    • 12. Idrekwartsporfier. Rots. Omg. Idre.
    • 13. Idrekwartsporfier. Rots. Omg. Idre.
    • 14. Detail van foto 13.
    • 15. Idrekwartsporfier. Flyvesandet. Dk.
    • 16. Idrekwartsporfier. Hasmark. Dk

    Idrekwartsporfieren. (1,7 miljard jaren)

    Idreporfieren hebben een voor het oog dichte grondmassa. De kleur hiervan is meestal roodbruin/roodbruinlila. Voor het oog ligt er gewoonlijk een paarse gloed over de stenen. Soms bevat de grondmassa banden en strepen, die iets in kleur afwijken. De kaliveldspaten zijn wisselend in grootte en aantal. Ze zijn lichtrood tot donkerrood van kleur. Vaak zijn ze wat rechthoekig of ovaal van vorm. Plagioklaas komt gewoonlijk niet voor. De kwartsen zijn klein en wisselend in aantal. Donkere mineralen vallen niet op.

  • h. Ignimbrieten van Dalarna

    • 1. Ignimbriet. Type: Rode Rannäs. Rots Dalarna.
    • 2. Detail van foto 1.
    • 3. Ignimbriet. Type: Rode Rännas. Rots. Dalarna.
    • 4. Ignimbriet. Type: Bruine Rännas. Rots. Dalarna.
    • 5. Detail van foto 4.
    • 6. Ignimbriet. Type: Zwarte Rännas. Rots. Dalarna.
    • 7. Detail van foto 6.
    • 8. Ignimbriet. Type: Klittberg. Rots. Dalarna.
    • 9. Detail van foto 8.
    • 10. Ignimbriet. Type: Klittberg. Rots. Dalarna.
    • 11. Detail van foto 10.
    • 12. Ignimbriet. Type: Bruine Klittberg. Los blok. Dalarna.
    • 13. Detail van foto 12
    • 14. Ignimbriet. Type: Klittberg. Rots. Dalarna.
    • 15. Ignimbriet. Type: Klittenberg. Rots. Dalarna.
    • 16. Detail van foto 15.
    • 17. Ignimbriet v Dalarna. Type Blyberg. Rots.
    • 18. Detail van foto 17.
    • 19. Ignimbriet. Type: Orrklit. Rots. Dalarna
    • 20. Detail van foto 19.
    • 21. Ignimbriet. Type: Oreälven. Rots. Dalarna.
    • 22. Detail van foto 21
    • 23. Ignimbriet. Type: Loka-Risberget. Rots. Dalarna.
    • 24. Detail van foto 23
    • 25. Ignimbriet. Flyvesandet. Dk
    • 26. Detail van foto 25
    • 27. Ignimbriet. Trimunt
    • 28. Detail va foto 27
    • 29. Ignimbriet. Schuilenburg.
    • 30. Ignimbriet. Type: Loka-Risberget. Rots. Dalarna.
    • 31. Ignimbriet. van Dalarna. Werpeloh. D
    • 32. Detail van foto 31.
    • 33. Ignimbriet. Dalarna. Zwerfsteen.
    • 34. Ignimbriet. van Dalarna. N.O.P.
    • 35. Ignimbriet. van Dalarna.Klein Waabs. D
    • 36. Ignimbriet van Dalarna. Eernewoude.
    • 37. Ignimbriet van Dalarna. Drachten.
    • 38. Ignimbriet van Dalarna. Flyvesandet. Dk.
    • 39. Detail van foto 38.
    • 40. Ignimbriet van Dalarna. Frydendal. Als.
    • 41. Detail van foto 40.
    • 42. Ignimbriet. N.O.P.
    • 43. Detail van foto 42.
    • 44. Ignimbriet. Opende.
    • 45. Detail van foto 44.
    • 46. Ignimbriet van Dalarna. Fynshav. Als. Dk
    • 47. Detail van foto 46.
    • 48. Ignimbriet. Burgum.

    Ignimbrieten van Dalarna. (1,65 miljard jaren)

    Het grootste deel van deze gesteenten is afkomstig uit de omgeving van Älvdalen. Vroeger werden ze dan ook wel Älvdalenporfier genoemd.
    Het woord “
    ignimbriet” betekent eigenlijk “Vuurwolk”. (Smed) Het gesteente ontstaat kortgezegd, als gloeiend hete vulkanische wolken versmelten met as en lava en daarna afkoelen. Iedere eruptie vormt haar eigen type ignimbriet. Zelfs opeenvolgende erupties van dezelfde vulkaan vormen verschillende gesteenten. In Dalarna is dan ook een enorme verscheidenheid aan ignimbrieten, waarvan de plaats van oorsprong niet exact bekend is. De ignimbrieten hebben echter wel een aantal gezamenlijke kenmerken. Het zijn over het algemeen zeer harde stenen met een dichte, splinterige grondmassa. De kleur ligt tussen bruin en zwart. In de grondmassa liggen twee soorten eerstelingen. namelijk, vaak vierhoekige, roodachtige tot lichtbruine kaliveldspaten en witte of groenachtige plagioklazen. Kwarts ontbreekt. In de grondmassa ligt een wisselend aantal strepen en vlammen, waarvan de kleur afwijkt van de grondmassa. 

    Ignimbrieten van Dalarna komen voor in een groot aantal verschillende typen, die soms nauwelijks van elkaar zijn te onderscheiden. In veel gevallen zullen we bij het determineren dan ook tevreden moeten zijn met de algemene naam "Ignimbriet van Dalarna". Slechts een klein aantal typen heeft een naam, die de plek aangeeft waar ze vandaan komen. Deze variëteiten zullen we bij de afbeeldingen kort bespreken. Veel van die gegevens zijn afkomstig uit het boek "Elzeviers Zwerfstenengids" van W.T. Hellinga. Deze auteur heeft destijds veel stenen uit Dalarna verzameld.
     

  • i. Kallbergetporfier

    • 1. Kallbergetporfier. Herkomstgebied.
    • 2. Kallbergetporfier. Rots.
    • 3. Kallbergetporfier.Suameer.
    • 4. Kallbergetporfier. Zevenhuizen.
    • 5. Kallbergetporfier. Detail van foto 4.

    Kallbergetporfier. (1,7 miljard jaren)

    Kallbergetporfieren hebben een opvallende bruine of violetachtige, vrij dichte grondmassa. Deze grondmassa is over het algemeen wat slierig.(Zie nr.5) In de grondmassa ligt een groot aantal scherfachtige, kleine, paarsachtige of rode kaliveldspaten. Het verschil in kleur tussen kaliveldspaten en grondmassa is vaak klein. Plagioklaas komt weinig voor, evenals donkere mineralen. De kleine ronde kwartskorrels zijn kenmerkend.

  • j. Eerstelingrijke veldspaatporfieren. (o.a. Oxåsenporfieren)

    • 1. Oxåsenporfier. Vaste Rots.
    • 2. Detail van foto 1.
    • 3. Oxåsenporfier. Vaste Rots.
    • 4. Detail van foto 3.
    • 5. Månstaporfier. Vaste Rots. Omg. Älvdalen.
    • 6. Detail van foto 5.
    • 7. Månstaporfier. Vaste rots. Omg. Älvdalen.
    • 8. Detail van foto 7.
    • 9. Månstaporfier. Noordoostpolder.
    • 10. Detail van foto 9..
    • 11. Kåtillaporfier. Vaste rots. Omg. Älvdalen.
    • 12. Detail van foto 11.
    • 13. Orrlokporfier. Vaste rots.
    • 14. Detail van foto 13.
    • 15. Käringsbergetporfier. Vaste rots.
    • 16. Detail van foto 15.
    • 17. Porfier van Ǻsberget. Vaste rots.
    • 18. Detail van foto 17.
    • 19. Väsaporfier. Vaste rots. Ten zuiden van Älvho.
    • 20. Detail van foto 19..
    • 21. Eerstelingrijke veldspaatporfier. Oxåsengroep. Waskemeer.
    • 22. Detail van foto 21.
    • 23. Eerstelingrijke veldspaatporfier. Oxåsengroep. N.O.P.
    • 24. Eerstelingrijke veldspaatporfier. Oxåsengroep. De Westerein.
    • 25. Eerstelingrijke veldspaatporfier. Oxåsengroep. Werpeloh. D
    • 26. Eerstelingrijke veldspaatporfier. Oxåsengroep. Kås Hoved. Dk.
    • 27. Detail van foto 26.
    • 28. Eerstelingrijke veldspaatporfier.Flyvesandet. Dk.
    • 29. Detail van foto 28.
    • 30. Eerstelingrijke veldspaatporfier.Flyvesandet. Dk.
    • 31. Detail van foto 30.
    • 32. Eerstelingrijke veldspaatporfier.Flyvesandet. Dk.

    Eerstelingrijke veldspaatporfieren. (1,7 miljard jaren)

    In Dalarna komen op verschillende plaatsen een aantal rode of roodbruine eerstelingrijke veldspaat porfieren voor. Een aantal hiervan heeft dezelfde kenmerken als de Oxåsenporfier die voorkomt ongeveer 20 km ten westen van Mora. Eerstelingrijke veldspaatporfieren hebben een iets korrelige of praktische dichte, rode of roodbruine, homogene grondmassa. Hierin liggen een groot aantal tot 1 cm. lange, vooral rechthoekige, roodachtige kaliveldspaten Sommige van deze kaliveldspaten hebben een grijsachtige of iets groenige kern van plagioklaas. Soms zijn de kaliveldspaten gebroken. In veel typen vertonen de kaliveldspaten scheurtjes, die zijn opgevuld met materiaal uit de grondmassa. De plagioklazen zijn lichter gekleurd dan de kaliveldspaten. Vaak zijn ze wat groenachtig en soms omgeven door een rode rand van plagioklaas. Kwarts ontbreekt als zichtbaar mineraal.  De mineralen biotiet en hoornblende komen wel eens voor in kleine hoeveelheden. Soms zijn er kleine aggregaten van chloriet, epidoot en erts.
    De verschillende typen zijn vaak moeilijk uit elkaar te houden. We zullen bij determinatie van zwerfstenen dan ook vaak moeten volstaan met een naam als "Eerstelingrijke veldspaatporfier van Dalarna". Bij enkele soorten kunnen we er bij vermelden dat ze tot de Oxåsengroep behoren. Zandstra noemt ìn "Noordelijke kristallijne Gidsgesteenten" van 1988 op blz. 239 een aantal typen, die verwant zijn aan de Oxåsenporfier. We tonen hier een aantal voorbeelden van eerstelingrijke veldspaatporfieren van Dalarna. Als ze volgens Zandstra tot de Oxåsengroep behoren wordt dit er bij vermeld.


     

  • k. Särnakwartsporfier. Rood

    • 1. Särnakwartsporfier. Herkomstgebied.
    • 2. Särnakwartsporfier. Rots. Omg. Särna.
    • 3. Detail van foto 2.
    • 4. Särnakwartsporfier. Rots. Omg. Särna.
    • 5. Detail van foto 4.
    • 6. Särnakwartsporfier. Rood. N.O.P.
    • 7. Detail van foto 6.
    • 8. Särnakwartsporfier. Opende.
    • 9. Detail van foto 8.
    • 10. Särnakwartsporfier. Rots. Type: Kringelfjorden
    • 11. Detail van foto 10.

    Särnakwartsporfieren (rood) (1,7 miljard)

    Rode Särnaporfieren hebben een rood tot bruine grondmassa. Hierin liggen een zeer groot aantal eerstelingen van kaliveldspaat. De meeste zijn roodachtiggrijs van kleur. De wat groenachtige plagioklaaskorrels zijn ver in de minderheid. De kwartsen zijn rond en lichtgrijs van kleur. Er zijn kleine aggregaatjes van donkere mineralen.
    Het type van Kringelfjorden heeft geen plagioklaaseerstelingen. 

     

  • l. Särnakwartsporfier. Bruin

    • 1. Särnakwartsporfier. Bruin. N.O.P.
    • 2. Detail van foto 1.

    Särnakwartsporfier. Bruin. 

    Een steen met een duidelijk bruine, met het blote oog dichte en splinterige grondmassa. In deze grondmassa bevinden zich een aantal rode en witgele kaliveldspaten, waarbij de witgele, veelal rechthoekige veldspaten het meeste opvallen. Ze zijn over het algemeen sterk gebroken.(Pijl A) De roodachtige veldspaten zijn sterk gecorrodeerd. De breuken zijn opgevuld met materiaal uit de grondmassa. Een groot aantal heeft een roodachtige reactierand.(Pijlen B) Plagioklaas is, ook met loep, niet te vinden. De steen bevat weinig kwarts. Het komt voor in kleine grijze korrels. Verspreid over het gesteente vinden we kleine aggregaatjes van donkere mineralen vooral biotiet. (Pijl C) Enkele voorkomens zijn wat groter. Vooral op de detailfoto vallen ze duidelijk op.

     

  • m. Trängsletsyenietporfier

    • 1. Trängsletsyenietporfier. Rots. Omg. Borgharged.
    • 2. Detail van foto 1.
    • 3. Trängsletsyenietporfier. Rots. Omg. Borgharged.
    • 4. Trängsletsyenietporfier. Detail van foto 3.

    Trängsletsyenietporfier.

    Dit gesteente behoort eigenlijk tot de porfirische kwartssyenieten. Het is afkomstig uit het Garbergcomplex. De fijnkorrelige grondmassa vertoont granofirische vergroeiingen. Kwarts komt hierin weinig voor. Meer dan de helft van de grondmassa is gevuld met rode of geelwitte kaliveldspaten. Ook zijn er veel lichtgekleurde plagioklazen. Soms hebben de kaliveldspaten een lichte kern van plagioklaas en plagioklazen een zoom van kaliveldspaat. De donkere mineralen zijn opeenhopingen van erts. Soms komen donkergroene hoornblendestengels voor. (Detailfoto 2)

  • n. Venjanporfiriet.

    • 1. Venjanporfiriet. Vaste rots. Dalarna.
    • 2. Detail van foto 1.
    • 3. Venjanporfiriet. Opende.
    • 4. Detail van foto 3.
    • 5. Venjanporfiriet. Omg. Sögel. D.
    • 6. Detail van foto 5.
    • 7. Venjanporfiriet. Nij Beets.
    • 8. Venjanporfiriet. Vaste rots. Dalarna.
    • 9. Detail van foto 8.
    • 10. Venjanporfiriet. Flyvesandet. Dk.
    • 11. Detal van foto 10.
    • 12. Venjanporfiriet. Werpeloh. D

    Venjanporfiriet. (1,7 miljard jaren)

    J.G. Zandstra geeft in "Gidsgesteenten" (1988) een duidelijke beschrijving van het gesteente. Hij spreekt van het hoofdtype, het Kättbotype en het Gruvåsen-/Ärtentype. Dit laatste type wordt apart besproken.
    Volgens Zandstra heeft het onverweerde hoofdtype (Sågbyntype) in onverweerde toestand een grijze, voor het oog dichte grondmassa. Bij verwering wordt de kleur bleker of neemt het gesteente een grijsrode of roodgrijze tint aan. Scheuren worden vaak begrensd door een smalle steenrode zone. De eerstelingen bestaan vooral uit grijswitte of grijsgroene plagioklaas. Ook eerstelingen van bleekrode kaliveldspaat komen regelmatig voor. Vaak hebben ze een afwijkend gekleurde roodachtige randzone. De donkere mineralen bestaan vooral uit biotietblaadjes en wat hoornblendezuiltjes. Het gesteente bevat geen pyroxenen. Kwarts in niet aanwezig.
    Het Kättbotype heeft volgens Zandstra een groter percentage basische (donkere) mineralen. De grondmassa is voor het oog dicht en grijs van kleur. In deze grondmassa liggen meer lichtgekleurde plagioklaaseerstelingen dan in het hoofdtype. Ze zijn gemiddeld ook kleiner. Kaliveldspaten komen slechts sporadisch voor.
    De donkere mineralen bestaan vooral uit biotiet, wat hoornblendenaalden en gewoonlijk wat augiet.
    Ook in dit type is kwarts niet zichtbaar.
    Het is moeilijk om de verschillende typen goed uit elkaar te houden. Ze lijken op elkaar en bovendien zijn er overgangen.

    Op Svens Strandsten Site staan een aantal interessante afbeeldingen van Venjanporfirieten. 
     

  • o. Venjanporfiriet. Gruvåsen-/Ärtentype

    • 1. Venjanporfiriet. Rots. Omg. Gruvåsen
    • 2. Venjanporfiriet. Rots. Dalarna.
    • 3. Detail van foto 2.
    • 4. Venjanporfiriet. Rots.
    • 5. Detail van foto 4.
    • 6. Venjanporfiriet. N.O.P.
    • 7. Detail van foto 6.
    • 8. Venjanporfiriet. Werpeloh.
    • 9. Detail van foto 8.
    • 10. Venjanporfiriet. Werpeloh. D.
    • 11. Venjanporfiriet. Siegerswoude.
    • 12. Detail van foto 11.

    Venjanporfiriet. (Gruvåsen/Ärtentype) (1,7 miljard jaren)

    Dit type Venjanporfiriet is eigenlijk een grovere vorm van het Sågbyntype. Het gesteente heeft een minder dichte korreliger grondmassa dan dat type.  De kleur ervan kan variëren van lichtrood tot rozegrijs. In deze grondmassa ligt een groot aantal relatief grote eerstelingen van wit- geelachtige plagioklaas en in mindere mate groenachtige plagioklazen. (Foto 3) Soms is er een korrel van roze kaliveldspaat. De eerstelingen liggen dicht op elkaar en vullen meer dan de helft van het gesteenteoppervlak. De zwarte mineralen zijn ronde tot zeshoekige korrels van biotiet (7) en langrechthoekige hoornblendekristallen. (12). Verder bezit het gesteente nog groenzwarte aggregaten van hoornblende, epidoot en chloriet.

     

                   Terug naar Dalarna                                       Terug naar Startpagina