Västervik vlekkengesteente

Västervik vlekkengesteente. (1,9 miljard jaren)

Deze vaak fraaie stenen zijn vooral afkomstig uit noordwest/zuidoost lopende lagen uit een gebied westelijk van Västervik. Zwerfstenen hebben over het algemeen een fraai uiterlijk. De meeste soorten zijn goed te herkennen. De Västervikgesteenten worden vaak verdeeld in twee verschillende groepen, namelijk de gneizen en de kwartsieten. Met name over de naam Västervikvlekkengneis bestaat nogal verschil van mening. Met name in Duitsland is men van mening, dat veel van deze stenen over onvoldoende gneiskenmerken beschikken om de stenen de naam “gneis” te geven. De naam “Granofels” is hier gebruikelijk. Wij gebruiken hier de neutrale naam: “Gesteente”.
Een kleine 1,9 miljard jaren geleden lag het Västervikgebied in een rivierdelta, waar veel sediment werd aangevoerd. Zuiver zand en kleiachtige sedimenten. In de tijd die hierop volgde vond er gebergtevorming plaats. Deze gebergtevorming ging gepaard met hoge temperturen en een enorme druk, waardoor uit de zanden kwartsieten ontstonden en uit de kleiachtige afzettingen de andere Västervikgesteenten, die vaak als gneizen te boek staan.
De Västervik vlekkengesteenten kunnen sterk van elkaar verschillen. Er zijn typen, die nauwelijks sporen van deformatie vertonen, maar ook varianten die duidelijk gneisachtig zijn.
De grondmassa is meestal roodachtig. Ze bestaat vooral uit de mineralen microklien, plagioklaas en wat kwarts. Muscoviet kan voorkomen in kleine hoeveelheden. De rode kleur is ontstaan door de aanwezigheid van het ijzermineraal hematiet. Deze hematiet bevond zich in het zand waaruit de steen is ontstaan.
De veelal zwarte vlekken (porfyroblasten) bestaan vooral uit biotiet en het aluminiumrijke mineraal cordiriet. Cordieriet is over het algemeen grijsblauw of iets groengrijs van kleur. Het mineraal kan blauw zijn, maar in deze stenen komt dit niet voor. De aanwezigheid van biotiet is de oorzaak van de zwarte kleur. Biotiet en cordiriet komen nog al eens samen voor. De cordiriet omsluit dan de kleine biotietkristalletjes. In de vlekken liggen de biotietkristallen als het ware ingebed in de cordiriet, waardoor onder de loep een fijnkorrelige massa zichtbaar is. Er zijn varianten waar kleine, grijze, ronde vlekjes voorkomen. Deze vlekjes bestaan uit sillimaniet.

    • 1. Västervikvlekkengneis. Herkomst.
    • 2. Västervik gesteente. Vaste rots. 3 km z,o, Blankaholm.
    • 3. Detail van foto 2.
    • 4. Västervikvlekkengesteente. FK. Västervik. Motel.
    • 5. Västervikvlekkengesteente. Als. Dk.
    • 6. Västervikvlekkengesteente. Als. Dk.
    • 7. Västervikvlekkengesteente. Omg. Klein Waabs. D.
    • 8. Västervikvlekkengesteente. Beetsterzwaag.
    • 9. Västervikvlekkengesteente. Giekerk.
    • 10. Västervikvlekkengesteente. Omg. Lütjenburg. D.
    • 11. Västervikvlekkengesteente. Waskemeer
    • 12. Detail van foto 11.
    • 13. Västervikvlekkengesteente. Rotstergaast.
    • 14. Detail van foto 11.
    • 15. Västervikvlekkengesteente. Fjordmosen. Als. Dk.
    • 16. Detail van foto 15.
    • 17. Västervikvlekkengesteente. Fynshav. Als. Dk.
    • 18. Västervikvlekkengesteente. Als. Dk.
    • 19. Detail v foto 18.
    • 20. Västervik vlekkengesteente. Als
    • 21. Detail van foto 20.
    • 22. Västervikvlekkengesteente. Nij Beets
    • 23. Detail van foto 22.
    • 24. V"stervik vlekkengneis. Trimunt.
    • 25. Detail van foto 24.